Geschiedenis

donderdag 17 april 2025

Onbekend Donk, de Vogelenzang

Voordat de woningwet in het jaar 1901 in ons land van kracht werd, kon men een woning bouwen zonder daarvoor bij gemeente of provincie een vergunning nodig te hebben, zolang deze niet aan de provinciale weg kwamen staan. Daarom is het vaak moeilijk te achterhalen in welk jaar woningen daadwerkelijk zijn gebouwd. Via kadastergegevens vóór dat jaar 1901 kan men toch een redelijk goede inschatting maken van de bouw van deze en andere gebouwen.

De firma Van Thiel wilde voor haar arbeiders de nodige woningen bouwen, om zodoende een redelijke garantie te hebben dat zij bij de fabriek bleven werken. Want voor een paar cent méér per week stapte men graag over naar een ander bedrijf om daar aan de slag te gaan.

Rond het jaar 1880 zijn de eerste woningen voor de firma gebouwd. Dat gebeurde in de Leekerstraat, zoals de Mgr. Verhagenstraat over de Donkse brug toen nog heette. Deze wilde men een eind van de bestaande weg situeren en wel op een stuk grond dat eigendom was van de firma. Het was een rijtje van vier huizen die aan de Vogelenzangweg, in de volksmond kortweg de Vogelenzang genoemd, kwam te staan. Over de naam Vogelenzang zo meteen meer.

Hulpkaart van het kadaster met daarop de Vogelenzang in de Leekerstraat.
De steeg stond hierop nog niet ingetekend.

Deze vier woningen kregen de huisnummers D47 tot en met D50. In het eerste huis woonde spijkermaker Gerardus van der Heijden die in 1859 naar ons dorp kwam wonen; hij woonde eerst ergens anders in ons dorp. Daarvoor woonde hij met zijn gezin in Zaltbommel. Als Gerardus op 8 januari 1900 overlijdt, geeft een van zijn buren, Peter Vervullens, zijn dood aan bij de gemeente. De tweede vrouw van Gerardus, Theodora Dierks, blijft in het huis achter en later neemt zoon Adrianus het huis over.

Buurman van Gerardus werd spijkermaker Johannes Roest. Deze werd op 13 april 1844 in Beek en Donk geboren en werd weduwnaar van Petronella van der Putten die in 1879 stierf. Later trouwde hij met Wilhelmina Kouwenberg uit Gemert en zij betrokken samen als eerste dit huis op D48.

Hiernaast woonde Peter Vervullens. Hij was geboren in Gemert en getrouwd met Johanna van der Horst. Peter zou volgens de burgerlijke stand wever van beroep zijn, wat betekent dat hij in de linnenweverij bij Van Thiel werkzaam was. Op 24 september 1900 verhuisde Peter met zijn gezin naar Strijp, waar hij als scheerder te boek stond.

De laatste van de rij huizen werd bewoond door Leendert (Leonardus) Rooijakkers, geboren in Beek en Donk op 5 december 1836. Hij was getrouwd met Johanna Smits uit Gemert en was mandenmaker van beroep. Deze manden werden gebruikt voor het vervoer van klinknagels. Leendert verhuisde met vrouw en kind op 5 oktober 1883 naar Gemert, nadat hun vijf maanden oud zoontje Willem Wouter op 27 mei hier gestorven was. In zijn plaats kwam dagloner Willem Daniëls uit Lieshout op 26 november 1883 in zijn huis wonen, samen met zijn gezin. Als Willems vrouw, Anna Maria Huibers, op 9 december 1884 op 44-jarige leeftijd sterft, komt buurman Peter Vervullens daarvan aangifte bij de gemeente doen. Hierna was het de beurt aan ploegbaas Nicolaas Zwanenberg die de huur van het huis overnam. Hij kwam uit Den Bosch.

Verder in de tijd

We springen bijna dertig jaar verder in de tijd, als in december 1909 een grote staking bij de firma Van Thiel uitbreekt. Op dat moment wonen de volgende gezinnen in de Vogelenzang. Op nummer D47 draadtrekker Adrianus van der Heijden, getrouwd met Theodora de Haard. Hij betaalt Æ’1,25 per week huur. Daarnaast woont klinknagelpakker Mathijs van Eupen, getrouwd met Francina Vos. Hij moet elke week 94 cent betalen. Zijn buurman is draadtrekker Nicolaas van den Elzen, getrouwd met Leonarda de Haard en zus van Theodora de Haard. Hij heeft een huur van 85 cent. In het laatste huis woont spijkermaker Johannes van Neerven samen met zijn vrouw Maria Smits. Vlak voordat de staking uitbrak had deze Johannes van de firma de toezegging dat hij pensioen zou krijgen, maar spijkerhard als de Van Thiels waren, kon hij na afloop ervan fluiten naar zijn zuur verdiende centen. Hij was vanaf het begin bij Piet van Thiel in dienst. Johannes heeft de laagste huur, hij betaalt 80 cent per week.

Alle vier hoofdbewoners van de Vogelenzangweg staakten mee. In een eerder artikel voor D’n Tesnuzzik schreef ik dat in mei 1910 veertien gezinnen het huis werden uitgezet door een uitspraak van het Kantongerecht in Helmond. Van deze gezinnen woonden voor zover kan worden nagegaan vijf gezinnen in de Leekerstraat en drie in de Vogelenzang. Het moet over de brug een triest gezicht zijn geweest. De woningen D47, 48 en 49 kwamen leeg en ook Van Neerven op nummer 50 had een vonnis van de kantonrechter om te vertrekken. Maar bij dit gezin is niet bekend of het ook daadwerkelijk tot een uitzetting is gekomen. Waar alle gezinnen na de staking kwamen wonen is niet duidelijk, behalve van Mathijs van Eupen. Hij verhuisde na de staking naar Gemert waar hij in de bouw ging werken.

Sloop

In het jaar 1952 werden de huizen aan de Vogelenzang afgebroken. De laatste bewoners waren Adrianus [Janus] Hellings, getrouwd met Anna Maria Kluijtmans; Johannes (Hanneske) Coolen die getrouwd was met Petronella Smits; Petrus Hendricus (Hendrik) v.d. Boom, lange tijd raadslid voor de werknemers en getrouwd met Janske Lunenburg; en Johannes (Hannes) Vereijken, getrouwd met Hendrika Verkijlen. Na de sloop werd de ondergrond bij de tuin van de villa van Lex van Thiel getrokken. Een schutting zorgde ervoor dat de bewoners van de Mgr. Verhagenstraat geen zicht hadden welke groenten en fruit daar werden verbouwd voor de directeur van de firma. Van de huizen kan men dus niets meer terugvinden, wel van de weg. Deze aarden steeg die leidde naar de woningen, is er nog steeds. Het ligt in de huidige Mgr. Verhagenstraat tussen de nummers 13 en 15.

De oude aarden steeg, genaamd de Vogelenzang, ligt er nog steeds, de naam is in de nevelen der tijd verdwenen.
Misschien dat een naamplaatje aan de zijkant van het huis op nummer 15 een idee is. (Foto Zjon van de Laar)

Nog verder in de tijd

Halverwege de jaren tachtig krijgt buurtvereniging “Over de Brug” van de firma Thibodraad gratis grond ter beschikking om een speeltuin voor de kinderen aan te leggen. Het is het gedeelte van de voormalige tuin van Lex van Thiel, waar de woningen van de Vogelenzang hebben gestaan. Een van de speeltoestellen die geplaatst worden, is de oude schommel die de kinderen van Lex van Thiel vele jaren eerder gebruikt hebben.

De schommel van de familie Lex van Thiel, gerestaureerd door de buurtvereniging. (Foto Jan v.d. Molengraaf)

Naam Vogelenzang

In veel plaatsen in het land komt de naam Vogelenzang(weg) voor. Er zijn een drietal verklaringen te geven hoe wij hier bij ons aan de naam komen. In het Woordenboek der Nederlandse Taal kom je de volgende verklaring van het woord tegen. Het zou gaan om onbebouwd land of vogelweide. Vroeger was een gezegde “een land vogelzang laten liggen, wat zoveel betekende als “het geheel niet bewerken, er niet naar omzien”. In de rawazzie waar struiken en bomen groeien, kan het gebied aantrekkelijk voor vogels worden. Een andere minder voor de hand liggende verklaring bij ons is de volgende. Een van de gebouwen die bij het kasteel van de familie De Jong horen, is een boerderij aan de Starreboslaan, genaamd Vogelenzang. Toch lijkt het niet waarschijnlijk dat deze naam is overgenomen voor het straatje met de vier woningen bij de Leekerstraat.

Als meest waarschijnlijke verklaring kan het volgende hierover gezegd worden. Ruim honderd jaar voor de bouw van de woningen is sprake van een erfenis van een woning en meerdere gronden in het gebied De Braken waarin de weg Vogelenzang ligt. Francis Verhallen regelt een erfenis voor een zekere Willemijntje Barendsdochter, weduwe van Jan Hendrikx van den Bogard. Adriaen Hendrikszn van den Bogard woont in ons dorp en wordt erfgenaam van een gedeelte van huis en land. En nu komt het; deze Jan Hendrikx woonde met Willemijntje in Vogelsang, een dorp in de buurt van Zandvoort in Noord-Holland! Het kan dus zomaar zijn dat de naam van ons straatje een erfenis is van deze erfenis uit het jaar 1776.

 

Martien van de Laar (vader van de schrijver) oefent met zijn piston in de tuin van zijn huis.
Op de achtergrond een van de woningen aan de Vogelenzang.

Bronnen

RHC, Regionaal Historisch Centrum Eindhoven, 13048 Schepenbank Beek en Donk 1646-1810, schepenprotocollen
Kadaster Eindhoven, Hulpkaarten Beek en Donk
Jan v.d. Molengraaf, bewoner Mgr. Verhagenstraat
Info bewoners Mariet Adriaans

Gedeelte uit de schepenbank van Beek en Donk, waarin Francis Verhallen optreedt namens Willemijntje Barendsdochter.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten