“Hè?” “Waar ligt dat?” Een verbaasd gezicht bij de vraagsteller als je vertelt dat deze er komt als ie naar de fietsenmaker gaat. Veel dorpsgenoten weten namelijk niet waar het Michaëlplein is. Vandaar dit artikeltje over een van de twee pleinen met witte huizen die Beek en Donk rijk is en dat binnen afzienbare tijd een flinke opknapbeurt zal krijgen.
Eerst een kort historisch overzicht. Op bijgaand kaartje uit het jaar 1818 zien we het Heuvelplein en de Smalleweg die daarop uitkomt, toentertijd de Heuvel en Smalle Donckdijk genoemd. Ook aangegeven is de schuurkerk met pastoorswoning pal aan de Smalleweg. Het Michaëlplein, dat toen nog niet bestond, ligt nu ingeklemd tussen Slotstraat, Smalleweg en het Heuvelplein. Op een deel van dat terrein stond vroeger een groot gebouw, waarvan nog moet worden uitgezocht welke functie het had. De toegangsweg naar dit gebouw lag pal naast het tegenwoordige pand van de fietsenmaker Van den Berg en kwam uit op het Heuvelplein. Later is dit gebouw gesloopt en kwam de toegangsweg bij de kavel van Van den Berg.
Aan de slag
|
Kaart Uitbreidingsplan 1952 |
Evenals tegenwoordig een groot tekort is aan goede en betaalbare woningen, moesten ook na de Tweede Wereldoorlog veel huizen gebouwd worden. Ook in ons dorp wilde het gemeentebestuur volop bouwen. De grond die hiervoor nodig was lag onder andere tussen Slotstraat, Smalleweg en Heuvelplein. Burgemeester en wethouders (B&W) namen al in 1948 contact op met de familie Peters, die deze grond in haar bezit had. Deze gronden waren tijdelijk afgestaan aan landbouwer W. Brouwers, die hiervoor een jaarlijks bedrag aan de familie betaalde. Ook pachtte hij van deze familie de boerderij aan het Heuvelplein, ongeveer op de parkeerplaats vóór de vestiging van de Jumbo. Een grote boomgaard op de bewuste kavel werd beheerd door de familie Peters zelf. De grond werd door de gemeente aangekocht en in het begin van het jaar 1952 werd door de gemeenteraad een uitbreidingsplan voor het gebied Smalleweg en Heuvelplein vastgesteld. Twee jaar later, op 16 september 1954, kwam een raadsvoorstel aan de orde om het terrein via het Heuvelplein door middel van een voetpad te ontsluiten. Daarvoor waren de nodige onderhandelingen met succes gevoerd met Frans Jaspers die een garenveredelingsbedrijf had achter zijn woning aan het Heuvelplein. Jaspers bedong dat de gemeente als afrastering met zijn erf een betonschutting en een pilaster zou plaatsen. De raad ging met het voorstel akkoord, waardoor vanaf dan het voetpad gelegen was direct naast de eerder genoemde toegangsweg.
Zoals op de afbeelding van het uitbreidingsplan uit 1952 te zien is, stonden aan weerszijden van de Smalleweg twee lange rijen woningen gepland, maar die aan de rechterzijde is niet doorgegaan. Later verleende B&W de woningbouwvereniging namelijk toestemming om hiervoor in de plaats “woningen voor ouden van dagen” te bouwen. Zo werden mensen op leeftijd toen genoemd; ook de term bejaarden was in die tijd in zwang. Start van de bouw van deze eerste woningen was in de tweede helft van 1955. Eerder in februari van datzelfde jaar ’55 had de gemeenteraad al een voorstel van B&W overgenomen een bedrag van ruim ƒ7600 uit te trekken. Dit voor de aanleg van een elektriciteitskabel voor de “binnenweg tussen Heuvelplein en Smalleweg”.
Naam plein
Er was nog geen naam voor het plein. Die kwam pas op 20 oktober ’55. Agendapunt drie van de gemeenteraadsvergadering van die datum luidde: “Benaming van twee in aanleg zijnde nieuwe pleintjes en van een nog aan te leggen plein.” Op Donk zou volgens B&W het Leonarduspleintje komen, vernoemd naar de parochie Sint-Leonardus. Op dit plein zouden dezelfde type woningen worden gebouwd als bij de Smalleweg. En in Beek zou aan de oostzijde van de Smalleweg het Michaëlpleintje komen, omdat dit dorpsdeel de parochie van Sint-Michaël genoemd werd. Het plein dat ontstond ten oosten van de Brouwersstraat en ten westen van de Koppelstraat zou de naam Plein-1956 krijgen. Raadslid Van Duinhoven was het met de benaming van beide pleintjes niet eens. Hij vond “de gebezigde verkleinwoorden te schraal aandoen en hij stelt voor om de verkleiningsuitgang (tje) te laten vervallen.” Zo stond in de notulen van die raadsvergadering te lezen. De overige leden konden zich met dit voorstel verenigen, waarna “met inachtneming van de gemaakte bemerking” werd besloten de lijst van straatnamen in Beek en Donk aan te vullen met de namen Leonardusplein, Plein 1956 en Michaëlplein. Plein 1956 (geschreven zonder koppelteken) is het latere Piet van Thielplein geworden.
|
Gedeelte van kadasterkaart K010 uit 1962 |
Dit Michaëlplein werd in etappes aangelegd. Eerst bouwde men in 1955 aan de Smalleweg een blok van drie en op de kop van het Michaëlplein een blok van twee én ‘n blok van drie witte “bejaarden”-woningen en in het jaar 1962 kwamen er nog twee blokken bij. Eentje van twee en een van vier witte woningen. Achter op het plein was nog ruimte voor vier bungalows, althans dat was de bedoeling van de gemeente. Ook die zouden een wit uiterlijk moeten krijgen. Deze eis kwam te vervallen vanwege de extra kosten voor de eigenaren. Ook het plan van vier bungalows ging niet door, er kwamen er uiteindelijk twee. Deze werden in 1958 gebouwd door de plaatselijke aannemer Sterken voor de families Marinussen en Van Schijndel, die de kavels kochten voor een prijs van ƒ6,35 per vierkante meter! Kom daar tegenwoordig nog maar eens om…
In het jaar 1960 werd een gewone woning gebouwd door Jan v.d. Elsen en het plein werd in 1966 voltooid door de verkoop van de laatste kavel aan de familie Janssen.
Ontsiering
De bewoners dachten dat het plein daarmee was afgerond, totdat… plompverloren, zonder dat de bewoners op de hoogte waren gebracht, op een woensdag in 2008 een verdeelhuis voor kabeltelevisie op het gazon van het plein werd geplaatst. Van het ene op het andere moment werd het aanzicht van het plein verkloot, een niet goed te praten blunder van de gemeente. Hier viel niets meer tegen te doen en de bewoners van het plein moesten er voortaan mee leven. Het zou nooit meer kunnen worden verplaatst.
Namen bewoners
Op een plein met woningen voor oudere personen zie je met het voortschrijden van de tijd natuurlijk een groot verloop. Sterfgevallen komen daar nu eenmaal vaker voor dan in een wijk met jonge gezinnen. Het is daarom moeilijk de namen van de personen te achterhalen die hier voor het eerst kwamen wonen. Maar er is wel een namenlijst van personen die er in het jaar 1960 woonden. We zien dat op nummer 1 Jac. v.d. Eijnden woonde; op nummer 3 weduwe Bosma, op 5 H. Verhofstadt. Nummer 7 bestond nog niet en op 9 woonde Piet v. Schijndel. Op de even nummers woonden: nummer 2 Hub. v.d. Berg; op 4 Ant. Daniels; op 6 M.W. Marinussen en op nummer 8 woonde Jan v.d. Elsen.
|
Gedeelte Michaëlplein, genomen vanaf nummer 19, foto auteur |
In deze lange periode vanaf de aanleg
van het plein tot nu toe is sprake van één constante, namelijk dat Mevrouw Tiny
Marinussen niet alleen de oudste bewoner is, maar zij is ook degene die hier
het langst woont. Op 19 december van het jaar 1958 trokken zij en haar man in
hun nieuwe bungalow en zij woont er nog steeds met veel plezier. Zij herinnert
zich dat zij en haar man nog enkele jaren heerlijk hebben kunnen snoepen van de
goudrenetten en sterappels. Er waren in die beginperiode namelijk nog enkele fruitbomen
blijven staan van de boomgaard die er eerst was. Een meevaller voor de heer en
mevrouw Marinussen was, dat toen zij in maart van dat jaar startten met de bouw
van hun bungalow zij in eerste instantie niet en later alsnog in aanmerking
kwamen voor een subsidie van ƒ4600, een fors bedrag in die tijd. Er lag al wel
klinkerbestrating, maar een trottoir langs de weg ontbrak, het was gewoon ’n
zandpad en nogal stoffig. Dit laatste gold voor veel straten in ons dorp, omdat
de grote meerderheid van de gemeenteraad dit namelijk helemaal niet nodig vond.
Dat was weggegooid geld, vonden de raadsleden. Het voetpad werd later alsnog
aangelegd. En als de tweejaarlijkse kermis op het Heuvelplein neerstreek,
mochten kinderen voor ’n kwartje een ritje maken op een pony. Via het voetpad
ging het dan tot halverwege het Michaëlplein en weer terug naar het Heuvelplein.
’n Spoor van uitwerpselen was daarna de stille getuige van een aantal dagen
kinderpret.
Nieuwe fase
De witte “bejaardenwoningen” zijn ruim zestig jaar oud en kunnen niet meer betaalbaar aan de eisen van deze tijd worden aangepast. Daarom wil de huidige woningstichting Wocom in het jaar 2023-2024 deze woningen slopen en in de plaats hiervan nieuwe woningen voor senioren bouwen. Dat betekent dat zowel het Leonardusplein als het Michaëlplein er anders gaan uitzien. Hoe het plan wordt, hoeveel woningen gebouwd gaan worden en of deze ook weer een wit uiterlijk gaan krijgen, is op het moment van schrijven niet bekend. Wel is het de bedoeling dat omwonenden tijdig op de hoogte worden gebracht van de bouwplannen. Het is dus afwachten en hopelijk worden beide pleinen weer aangenaam om te wonen.
Bronnen
Regionaal Historisch Centrum
Eindhoven, Archief gemeentebestuur Beek en Donk 1930-1979, diverse
inventarisnummers
Kadaster Eindhoven, situatietekeningen
met dank aan Mariet Adriaans
Herinneringen mevrouw Tiny
Marinussen, bewoonster Michaëlplein 6
Geen opmerkingen:
Een reactie posten